Ambassadeur Lisette Pelsers

Lisette Pelsers. Foto: Sjoerd van Leeuwen
Lisette Pelsers. Foto: Sjoerd van Leeuwen

Lisette Pelsers is directeur van het Kröller-Müller Museum. Zij beheert in de beeldentuin van dit museum de beleving van twee werken van Richard Serra.

“Het is al lang geleden dat ik Sea Level voor het laatst heb gezien. Ik heb het altijd een heel mooi werk gevonden. Wat ik er goed aan vind is dat het heel erg Nederlands is: dat het gaat over het land en de zeespiegel en de strijd tegen het water. Een van de muren geeft de hoogte van de dijk aan, de ander van de zeespiegel. Ik heb altijd begrepen dat dat essentieel is: dat je altijd op een van die hoge muren zou moeten kunnen schuilen als het mis gaat. Het is ook een van de weinige werken uit beton die ik van Serra ken. Daardoor geeft Sea Level nog meer een dijkperspectief. Het is eigenlijk logisch voor Serra om daar zo’n rechte, harde ingreep te doen in het landschap. Dat rechtlijnige past daar goed.

Ik vind überhaupt al die projecten in Flevoland prachtig. Ik weet nog dat toen ik ging studeren, de Land Art werken net nieuw waren. Dat zoiets in Nederland gebeurde vond ik echt spectaculair. En daar moest je natuurlijk ook meteen heen. Ik herinner me nog de leegte toen ik Sea Level bezocht. De beleving was toen nog echt heel open. Ik heb een soort integraal beeld van leegte, zompigheid, lucht en water. Maar misschien komt dat ook omdat ik niet zo’n poldermens ben. Ik geef toch echt de voorkeur aan dit heuvellandschap rondom het Kröller-Müller Museum.

Als je Nederland opvat als een polderland, dan is het hier in wezen ‘minder Nederlands.’ De werken van Serra die hier in de beeldentuin staan zijn daardoor ook echt ander werk. Spin Out, for Robert Smithson en One gaan meer op in het landschap. Spin Out, for Robert Smithson bestaat in feite uit een natuurlijke komvormige vallei en drie stalen platen die in de helling zijn geschoven. Doordat de platen net niet concentrisch ten opzichte van elkaar staan zit er geen middelpunt in het werk. Dat geeft het werk iets ongemakkelijks. Om dat effect te kunnen beleven heeft het werk een soort openheid nodig. Als de plek bijvoorbeeld te begroeid raakt, schonen we hem op.

Serra’s werk is hier natuurlijk relatief beschermd tegen krassen en spuitbussen. Maar Sea Level staat in de openbare ruimte. Het is in wezen een vogelvrij werk. Ik hoor dan ook dat het regelmatig wordt ondergespoten. Natuurlijk is dat heel moeilijk te voorkomen, maar het is voor het werk wel een ramp. Hier in de beeldentuin is het toch wel een heel ander verhaal. Gelukkig kun je er hier voor zorgen dat het werk zo blijft zoals het is bedoeld en dan vooral in de beleving ervan. Bij Sea Level is dat eigenlijk verloren gegaan. Het zou mooi zijn als daar weer aandacht voor was.”